- Smart Kids »
- Kijk eens met andere ogen
Wijsheid van Socrates

In het oude Griekenland stond Socrates bekend om zijn grote wijsheid.
Op een dag ontmoet de filosoof een man die hem vol opwinding aanspreekt en zegt: "Socrates, weet jij wat ik zonet gehoord heb over één van uw leerlingen?"
"Wacht even," zegt Socrates. "Voor jij je verhaal vertelt wil ik het eerst onderwerpen aan een test. Ik noem het de drievoudige filtertest."
"De drievoudige filtertest?"
"Inderdaad," vervolgde Socrates. "Voor jij me iets vertelt over mijn student, laten we even de tijd nemen om je verhaal te filteren. De eerste filter is de Waarheidsfilter. Ben jij namelijk zeker dat wat jij mij gaat vertellen waar is?"
"Niet echt," zegt de man, "ik heb het toevallig horen vertellen en?"
"Dus, jij weet niet zeker of het waar is. Laten we nu de tweede filter proberen, dat is de filter van de Goedheid. Is wat je mij van plan bent te vertellen iets goed?"
"Neen, integendeel?" "Dus, jij wil mij iets slechts vertellen over mijn student, hoewel je niet weet of het waar is?"De man haalde verveeld zijn schouders op.
Socrates ging verder: "Misschien doorstaat uw verhaal de derde filter? Dat is de Bruikbaarheidsfilter. Is wat jij me wilt vertellen nuttig voor mij?"
"Neen, niet meteen..."
"Wel," concludeerde de filosoof, "als je me iets wilt vertellen dat noch waar, noch goed, noch nuttig is, waarom zou ik dan naar je luisteren?"
Het verhaal van Allen, Iedereen, Iemand en Niemand

Dit is het verhaal over vier personen:
Allen
Iemand
Iedereen
Niemand
Er was eens een klusje te doen en Allen waren ervan overtuigd dat Iemand het zou doen. Iedereen kon het doen maar Niemand wilde het doen.
Iemand werd kwaad omdat het Iedereen zijn taak was. Allen dachten dat Iemand het kon doen, maar Iedereen realiseerde zich dat Niemand het wilde doen.
Tenslotte beschuldigde Iedereen Iemand terwijl Niemand deed wat ze met zijn Allen konden doen.
Een schaap of een leeuw

Een oud zen-verhaal, over een leeuw die was grootgebracht door schapen en dacht dat hij zelf een schaap was totdat een oude leeuw hem greep en meenam naar een vijver, waar hij hem zijn eigen spiegelbeeld liet zien.
Velen van ons zijn als deze leeuw. Het beeld dat we van onszelf hebben is niet ontleend aan onze eigen directe ervaring maar aan de mening van anderen. De individualiteit die van binnenuit had kunnen groeien is vervangen door een van buitenaf opgelegde 'persoonlijkheid'. We worden zomaar een schaap in de kudde, niet in staat ons vrij te bewegen en onbewust van onze eigen ware identiteit. Het wordt tijd om je eigen spiegelbeeld in de vijver eens te bekijken en je te bevrijden uit het zelfbeeld dat door anderen is geconditioneerd.
Ga dansen, rennen, joggen, wartaal praten, wat er maar nodig is om de slapende leeuw van binnen wakker te schudden. Pas als je je persoonlijkheid laat varen ben je in staat je individualiteit te vinden. Je individualiteit krijg je van het bestaan; je persoonlijkheid is opgelegd door de maatschappij. De persoonlijkheid is een maatschappelijk nut.
De maatschappij kan geen individualiteit toestaan, want de individualiteit is niet zo volgzaam als schapen. De individualiteit heeft de eigenschappen van een leeuw; een leeuw gaat zijn weg alleen. Schapen bevinden zich altijd in de massa, in de hoop dat de massa ze een knus gevoel geeft. In de massa voelt men zich beter beschermd, veiliger. Als er iemand aanvalt, bestaat er in een menigte altijd een goede kans jezelf te redden. Maar alleen? Alleen leeuwen gaan hun weg alleen.
En ieder van jullie wordt als leeuw geboren, maar de maatschappij conditioneert iedereen, ze programmeert je denken als een schaap. Ze geeft je een persoonlijkheid, een gezellige, aardige, heel nuttige, heel gehoorzame persoonlijkheid. De maatschappij wil slaven en geen mensen die vrijheid boven alles stellen. De maatschappij wil slaven, want de hele gevestigde orde eist gehoorzaamheid.
De les van de vlinder

"Op een dag, verscheen er een kleine opening in een cocon. Een man zat uren te kijken hoe de vlinder zijn lijf door de kleine opening probeerde te worstelen".
Op een gegeven moment leek het of de vlinder geen vooruitgang meer boekte. Het leek of hij niet verder kon dan hij gekomen was.
De man besloot de vlinder te helpen: hij pakte een schaar en opende de cocon. De vlinder kwam er nu een stuk makkelijker uit. Maar de vlinder had een verweerd lijf. Hij was klein, met verschrompelde vleugels.
De man bleef kijken want hij verwachtte dat de vleugels zich elk moment zouden openen en groter en steviger zouden worden zodat ze het lijf konden dragen.
ER GEBEURDE NIETS !
Integendeel, de vlinder leefde zijn leven al strompelend. Hij kon zich slechts bewegen met zijn verweerde en verschrompelde vleugels. Hij heeft nooit kunnen vliegen.
De man was vol liefde en goede bedoelingen, maar begreep niet dat de kleine opening in de cocon en de worsteling van de vlinder om er uit te komen, de natuurlijke weg was om het vocht vanuit het lijf in de vleugels te persen, zodat hij gereed zou zijn om te vliegen zodra hij de cocon had verlaten.
Soms, zijn worstelingen precies wat we nodig hebben in het leven. Als we ons leven zonder obstakels zouden leven zouden we kreupel raken. We zouden niet zo sterk zijn als we moeten zijn.
We zouden nooit kunnen vliegen...
Wat je ook doet!

Op een dag gingen een vader en zijn zoon op reis. Vader gaf er zelf de voorkeur aan te lopen en zette zijn zoon op de rug van de ezel. Zo gingen zij op weg tot zij een paar mensen tegenkwamen die zeiden:" Zie daar de wereld op zijn kop. De jeugd heeft geen respect meer voor de ouderdom. Die gezonde jongen rijdt op een ezel, terwijl zijn arme, vermoeide vader nauwelijks vooruit komt." Toen de jongen dit hoorde stond hem het schaamrood op de kaken. Hij stapte af en stond erop dat zijn vader verder zou rijden.
Zo liepen ze voort, Vader op de ezel en de jongen te voet. Even later kwamen ze weer mensen tegen die zeiden:"Moet je dat zien! Wat een ontaarde vader, die zelf lekker op de ezel zit en zijn kind laat lopen." Na dit verwijt draaide de vader zich naar zijn zoon en zei:"Kom, dan zullen we samen op de ezel rijden." Zo vervolgden ze hun weg, tot zij mensen tegenkwamen die zeiden:"Kijk , dat arme beest. Zijn rug zakt door onder het gewicht van hen beiden, wat een dierenbeulen!" Daarop zei vader tot zijn zoon:"Laten we afstappen. Het is beter dat we allebei te voet gaan, dan kan niemand ons nog verwijten maken." Zo liepen ze verder achter de ezel. Tot een stel voorbijgangers wederom commentaar leverde:"Zie wat een dwazen er op de wereld zijn. Ze lopen in de brandende zon en geen van beiden denkt eraan op de ezel te gaan zitten."
Vader draaide zich om naar zijn zoon en zei:"Je hebt gezien, mijn zoon. Hoe je je ook gedraagt, op- en aanmerkingen zullen altijd je deel zijn. Leer daarom je eigen mening te volgen."
Kijk eens met andere ogen
Dit filmpje is van de Japanse onderwijsdienst. De opdracht van de lerares is: Maak een mooie tekening van dat waar je aan denkt. Het jongetje begint te krassen, omdat niemand weet wat hij denkt, worden mensen bezorgd. Er worden zelfs profesionals bij gehaald om te observeren wat hem mankeert. Hoe kan je een kind aanmoedigen? Het is simpel, gebruik je fantasie.
Deense fabel

Op zekere dag besloten de dieren dat er iets moest gebeuren om de problemen van de moderne wereld op te lossen. Daarom verkozen ze een schoolbestuur bestaande uit een beer, een das en een bever en ze huurden een egel in om het onderwijs te geven. Het leerplan omvatte rennen, klimmen, zwemmen en vliegen. Om het onderricht vlot te laten verlopen werden alle dieren die even oud waren, op dezelfde manier onderwezen in alle vakken.
De eend was de beste zwemmer- in feite was ze beter dan de onderwijzer- maar voor vliegen had ze zwakke punten, en voor rennen viel ze totaal uit. Omdat ze zo slecht was in rennen, kreeg ze extra lessen, aldus moest ze rennen oefenen terwijl de andere dieren zwemles hadden. Nadat ze dat een poos gedaan had, waren haar gevliesde poten zo vermoeid dat ze slechts middelmatige punten kreeg voor zwemmen.
De eekhoorn haalde topscores in klimmen, maar was daarentegen zeer gefrustreerd in de vlieglessen. De leraar wou immers dat hij zou starten van op de grond, terwijl de eekhoorn zelf liever van boom tot boom wou vliegen. Hij geraakte zodanig overwerkt dat hij na verloop van tijd nogal zwakke punten haalde voor klimmen, en nog zwakkere voor rennen. De arend was een probleemleerling en werd vaak zwaar gestraft. Tijdens de klimlessen bereikte hij de boomtoppen vlugger dan eender wie, maar hij wou het steeds op zijn eigen manier doen. Daarom werd hij in een observatieklas geplaatst. Het konijn startte als klaskampioen voor rennen, maar kreeg een zenuwinzinking omwille van al het extra werk voor zwemmen. Aan het einde van het schooljaar haalde een abnormale paling, die crimineel goed kon zwemmen en die ook goed kon rennen, klimmen en een beetje vliegen, de hoogste gemiddelde score. Daarom werd hij aangeduid om de speech te houden tijdens het promotiebanket. De prairiehond bleef van school weg, omdat graven door het bestuur niet als vak erkend werd. Daarom liet de hond zijn jongen onderrichten door een das. Na een tijd vond de hond steun bij een wild zwijn en samen stichtten zij een priv?school, die alras een succes bleek te zijn. De gewone dierenschool echter, die opgezet was om de problemen van de wereld op te lossen, werd gesloten, tot grote opluchting van alle dieren in het bos.
Bron: uit 'Christene school' COV, vertaald uit het Deens
We hebben elkaar nodig
Een Oosterse, wijze leermeester ging eens met zeven leerlingen een ochtendwandeling maken, terwijl de dauw nog over het land lag. Na enige tijd brak de zon door en de dauwdruppels schitterden dat het een lieve lust was!
Bij een grote dauwdruppel liet de oude meester halt houden. Hij schaarde zijn leerlingen zodanig rondom de druppel dat de zon erop bleef schijnen en vroeg hen welke kleur de druppel had.
"Rood," zei de eerste.
"Oranje," zei de tweede.
"Geel," zei de derde.
"Groen," zei de vierde.
"Blauw," zei de vijfde.
"Paars," zei de zesde.
"Violet," zei de zevende.....
Ze stonden verbaasd over de verschillen en omdat ze allemaal zeker waren van de kleur die de druppel had, ontstond er bijna ruzie. Toen liet de oude meester hen enige keren van plaats wisselen. En heel langzaam drong het tot hen door dat, ondanks de verschillen in hun waarneming, ze toch allemaal de waarheid hadden gesproken.
Nadat er zo enige tijd verstreken was, liet de oude meester hen weer hun oorspronkelijke plek innemen. Maar omdat intussen de zon gedraaid was, kaatsten er weer heel andere kleuren terug vanaf de grote dauwdruppel. En de meester sprak:
"Hoe u de waarheid ziet, hangt af van de plaats en de tijd die u in het leven inneemt, zoals u daarnet een deel van het licht hebt gezien en dat voor de waarheid aanzag...
Laat uw medemensen in volle vrijheid hun eigen weg bewandelen, hun eigen plaats innemen en hun eigen deel van het licht waarnemen. U heeft allemaal waarheden nodig, want alle tezamen vormen zij het werkelijke spectrum als geheel; de volle waarheid...
Tot u zelf een van de groten bent geworden en de zeven kleuren als ??n kunt waarnemen, zal ieder afhankelijk van zijn situatie een ander standpunt innemen en de waarheid op een andere manier zien...
Wees daarom niet alleen tolerant, want dat is slechts het dulden van andermans mening, maar wees zelfs blij dat er andere meningen zijn. Zolang u zelf nog niet het volle licht kunt zien, heeft u uw medemens als medeleerling nodig om de volle waarheid te leren kennen."